Citaat | Hoge Raad 8 september 1998

Alinea 25 Hoge Raad 8 september 1998

Een alinea uit Hoge Raad 8 september 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZD1239.

Ter terechtzitting in hoger beroep van 14 oktober 1997 is vastgesteld dat de CID-officier van justitie mr. Teeven in een bespreking op 18 september 1997 met de getuigen [getuige] , [betrokkene 4] en [betrokkene 3] , de eerste twee getuigen opdracht heeft gegeven geen vragen ter terechtzitting van het hof te beantwoorden die kunnen leiden tot het openbaar worden van de identiteit van de bron (hetgeen kort samengevat bronbescherming heet). Bovendien werd aan genoemde getuigen verboden vragen te beantwoorden die, zoals de getuige stelt, precedentwerking zouden kunnen hebben, dat wil zeggen (zo begrijpt het hof) vragen waarvan de beantwoording zou kunnen leiden tot informatie over andere zaken dan de onderhavige. Voorts werd aan genoemde getuigen verboden vragen te beantwoorden over de contacten van de getuigen [getuige] en [betrokkene 4] met [betrokkene 2] , die in het dossier als mede-verdachte van verdachte in de onderhavige zaak voorkomt en die, zoals zij ook zelf verklaart, geen informant is. Deze opdracht is niet alleen gegeven in verband met de behandeling van de zaak door het hof, maar ook in een eerder stadium, te weten ter gelegenheid van het verhoor van deze twee getuigen door de rechter-commissaris op 13 mei 1996, aldus de getuige Teeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32691c7ef8740928944a569148e8680df184342b6745d6cee9e534f5a652876a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32691c7ef8740928944a569148e8680df184342b6745d6cee9e534f5a652876a, en de alinea staat in dat document op bytes 10633 tot 11913.