Citaat | Hoge Raad 30 juni 1999

Alinea 6 Hoge Raad 30 juni 1999

Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 1999, ECLI:NL:HR:1999:AA2813.

3.2. Het Hof heeft geoordeeld: De waarde van de verplichting tot betaling van een vergoeding voor de hoofdsom moet worden bezien naar de toestand ten tijde van de uitgifte van de lening. Op dat moment kwam belanghebbende met haar crediteuren overeen dat zij tegen het bedrag van een alstoen normale rente- vergoeding telkenjare (certificaten van) aandelen in belanghebbende zouden nemen. Nu vaststaat dat een normale

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/73ea05ec3aedba874a6f5b2d46e610671ad6971a22131ab0513aa5bcffbbb2ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 73ea05ec3aedba874a6f5b2d46e610671ad6971a22131ab0513aa5bcffbbb2ef, en de alinea staat in dat document op bytes 6934 tot 7364.