Citaat | Hoge Raad 16 april 1999

Alinea 38 Hoge Raad 16 april 1999

Een alinea uit Hoge Raad 16 april 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZC2887.

3.2 Stellende dat zij ook na 1 januari 1990 nog arbeidsongeschikt was in de zin van de polis en uit dien hoofde recht heeft op de overeengekomen uitkeringen, heeft [eiseres] de hiervoor onder 1 vermelde bedragen gevorderd. Zij beriep zich op medische rapporten van twee orthopedisch chirurgen. Interpolis heeft het standpunt van [eiseres] bestreden en zich van haar kant beroepen op een reeks van uitgebrachte medische adviezen, waaruit naar haar oordeel blijkt dat [eiseres] vanaf 2 januari 1990 voor minder dan 25% arbeidsongeschikt was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32d1d2cd17caeb0e62cfb2e7a02e1a0b2c1d8858567e959a580920dbc71ddff0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32d1d2cd17caeb0e62cfb2e7a02e1a0b2c1d8858567e959a580920dbc71ddff0, en de alinea staat in dat document op bytes 10213 tot 10767.