Citaat | Hoge Raad 14 januari 2000

Alinea 63 Hoge Raad 14 januari 2000

Een alinea uit Hoge Raad 14 januari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4280.

Voorzover met het onderdeel wordt betoogd dat bedoeld beding in dit geval nietig is omdat het ten nadele van [werknemer] is, miskent het dat de Rechtbank kennelijk heeft geoordeeld dat de bestreden afstand in het licht van de beëindigingsovereenkomst, waarbij werd overeengekomen dat [werknemer] 6 maanden betaald verlof zou genieten alsmede een afkoopsom ter hoogte van (omstreeks) ƒ 100.000,-- zou ontvangen, niet in het nadeel van [werknemer] was. Nu [werknemer] in het kader van deze procedure niets heeft gesteld betreffende de vraag of de afstand van betaling van niet-genoten vakantiedagen nadelig voor hem was, bezien in het geheel van de tussen partijen overeengekomen “package-deal”, was de Rechtbank niet tot een nadere motivering gehouden. Het oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Het is zozeer verweven met waarderingen van feitelijke aard, dat het voor het overige niet op juistheid kan worden getoetst; het is ook niet onbegrijpelijk. De klacht faalt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3e316e2280fda664786c0af5cf68251b3d48381b3408fc53d3a463e1c94dede. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3e316e2280fda664786c0af5cf68251b3d48381b3408fc53d3a463e1c94dede, en de alinea staat in dat document op bytes 13416 tot 14434.