Citaat | Hoge Raad 14 januari 2000

Alinea 36 Hoge Raad 14 januari 2000

Een alinea uit Hoge Raad 14 januari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4281.

3.3 Het tegen deze oordelen gerichte middel slaagt. Het Hof heeft blijk gegeven van een onjuiste opvatting omtrent art. 56 lid 1, eerste zin, Rv. Uit deze bepaling volgt dat ingeval een vordering die in eerste instantie is afgewezen, in hoger beroep niet meer kan worden toegewezen omdat de eiser wegens inmiddels gewijzigde omstandigheden daarbij geen belang meer heeft, de eiser niettemin belang heeft bij het hoger beroep in verband met de kostenveroordeling in eerste aanleg, en de appelrechter met het oog daarop zal hebben te onderzoeken of de vordering in eerste aanleg al dan niet terecht is afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22b51ec71694c6332bb3f4577d71ae41de709d9461f947ce90ced71635645b4c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22b51ec71694c6332bb3f4577d71ae41de709d9461f947ce90ced71635645b4c, en de alinea staat in dat document op bytes 9572 tot 10195.