Citaat | Hoge Raad 21 januari 2000
Alinea 59 Hoge Raad 21 januari 2000
Een alinea uit Hoge Raad 21 januari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4429.
Zoals de Hoge Raad in zijn hiervoor vermelde arrest van 9 juni 1989 heeft overwogen, geeft het wettelijk stelsel geen aanknopingspunten voor de opvatting dat in gevallen waarin goederen in afwachting van (door-)vervoer over zee zijn toevertrouwd aan een stuwadoor of opslagbedrijf, bij ontbreken van bijzondere omstandigheden als bedoeld in HR 7 maart 1969, NJ 1969, 249, en HR 12 januari 1979, NJ 1979, 362, werking tegenover derden - belanghebbenden bij die goederen - zou moeten worden toegekend aan tussen de stuwadoor of het opslagbedrijf en zijn opdrachtgever overeengekomen bedingen strekkende tot beperking van aansprakelijkheid van eerstgenoemde. Hetzelfde moet worden aangenomen ingeval, zoals hier, over zee vervoerde goederen na aankomst van het schip voor lossing, opslag en verder vervoer zijn toevertrouwd aan een stuwadoor.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2edd9e5ba6afa81ef10f7190442f133a1f90996d42e66ea40c32e54cd8eb6c6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2edd9e5ba6afa81ef10f7190442f133a1f90996d42e66ea40c32e54cd8eb6c6f, en de alinea staat in dat document op bytes 17195 tot 18057.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2edd9e5ba6afa81ef10f7190442f133a1f90996d42e66ea40c32e54cd8eb6c6f | shasum -a 256