Citaat | Hoge Raad 21 januari 2000
Alinea 64 Hoge Raad 21 januari 2000
Een alinea uit Hoge Raad 21 januari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4429.
Het in een concreet geval te geven antwoord op de vraag of sprake is van een op gedragingen van de derde (ladingbelanghebbende) terug te voeren vertrouwen van de stuwadoor, of van een bijzondere relatie als vorenbedoeld, hangt mede af van een waardering van de feiten, zodat de juistheid van dat antwoord in cassatie slechts in beperkte mate kan worden getoetst. Dit in aanmerking genomen, kan niet worden gezegd dat ’s Hofs door klacht (b) bestreden oordeel blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting. Dat oordeel is ook niet onbegrijpelijk, noch onvoldoende gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2edd9e5ba6afa81ef10f7190442f133a1f90996d42e66ea40c32e54cd8eb6c6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2edd9e5ba6afa81ef10f7190442f133a1f90996d42e66ea40c32e54cd8eb6c6f, en de alinea staat in dat document op bytes 20924 tot 21516.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2edd9e5ba6afa81ef10f7190442f133a1f90996d42e66ea40c32e54cd8eb6c6f | shasum -a 256