Citaat | Hoge Raad 26 januari 2000
Alinea 12 Hoge Raad 26 januari 2000
Een alinea uit Hoge Raad 26 januari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4528.
3.3. Het Hof heeft geoordeeld dat uit de vastgestelde feiten, in onderling verband beschouwd, volgt dat door de praktische opleiding van werknemers ten behoeve van de bouwnijverheid te bevorderen (door middel van het verlenen van subsidies aan bedrijven of instellingen die hieraan bijdragen en door het initiëren van opleidingsmogelijkheden), mede uit gelden waarvan de omvang afhankelijk is van de plaatsing van leerlingen bij bouwbedrijven, belanghebbende deelneemt aan het maatschappelijke verkeer. Het Hof heeft voorts geoordeeld dat nu belanghebbende met een organisatie van kapitaal en arbeid, waarmee aan het maatschappelijk verkeer wordt deelgenomen, doorlopend en in aanzienlijke mate positieve resultaten heeft behaald, moet worden aangenomen dat bij haar het oogmerk om winst te behalen aanwezig is. Op grond hiervan is het Hof tot de conclusie gekomen dat belanghebbende een onderneming drijft als bedoeld in artikel 2, eerste lid, letter d, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (hierna: de Wet).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6da61eba64f55cff8abc849908d2242c4dbf0adddda30a9c4525301cbb5d08c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6da61eba64f55cff8abc849908d2242c4dbf0adddda30a9c4525301cbb5d08c5, en de alinea staat in dat document op bytes 5993 tot 7025.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6da61eba64f55cff8abc849908d2242c4dbf0adddda30a9c4525301cbb5d08c5 | shasum -a 256