Citaat | Hoge Raad 9 februari 2000

Alinea 53 Hoge Raad 9 februari 2000

Een alinea uit Hoge Raad 9 februari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4745.

3.5. Zoals hiervoor opgemerkt, is de stelling van belanghebbende dat de vordering op B BV van de aanvang als een informele kapitaalstorting heeft te gelden door het Hof ook om een tweede reden afgewezen. Die reden is veel eenvoudiger: naar het oordeel van het Hof heeft belanghebbende onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld om haar stelling aannemelijk te maken. Dit is een beslissing van feitelijke aard. En onbegrijpelijk is zij bepaald niet. De gemachtigde van belanghebbende heeft namelijk voor het Hof slechts aangevoerd:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f100ea199d48d2c9f3b6571d859c1c3d3771b32c9b608a9fab6f7cfe39469c86. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f100ea199d48d2c9f3b6571d859c1c3d3771b32c9b608a9fab6f7cfe39469c86, en de alinea staat in dat document op bytes 20681 tot 21226.