Citaat | Hoge Raad 9 februari 2000
Alinea 56 Hoge Raad 9 februari 2000
Een alinea uit Hoge Raad 9 februari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4745.
"dat aan de uit die lening voortvloeiende vordering, naar hem reeds aanstonds duidelijk moet zijn geweest, voor het geheel of voor een gedeelte geen waarde toekomt omdat het door hem ter leen verstrekte bedrag niet of niet ten volle zal kunnen worden terugbetaald, zodat het geheel of gedeeltelijk zijn vermogen - voor zover dat niet bestaat uit de aandelen in de dochtervennootschap - blijvend heeft verlaten."2
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f100ea199d48d2c9f3b6571d859c1c3d3771b32c9b608a9fab6f7cfe39469c86. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f100ea199d48d2c9f3b6571d859c1c3d3771b32c9b608a9fab6f7cfe39469c86, en de alinea staat in dat document op bytes 21882 tot 22308.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f100ea199d48d2c9f3b6571d859c1c3d3771b32c9b608a9fab6f7cfe39469c86 | shasum -a 256