Citaat | Hoge Raad 22 februari 2000
Alinea 35 Hoge Raad 22 februari 2000
Een alinea uit Hoge Raad 22 februari 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA4922.
3.5. Het beroepschrift in cassatie behelst nog het verzoek om te bepalen dat (eventueel) door de betrokkene betaalde bedragen ter zake van zekerheidstelling en griffierecht, zowel in verband met de procedure in feitelijke aanleg als in de cassatieprocedure zullen worden terugbetaald. Voor toewijzing van die verzoeken is geen plaats op grond van het navolgende. Noch ter zake van een verzetprocedure, noch ter zake van een daarmee samenhangende procedure als de onderhavige is in feitelijke aanleg zekerheidstelling vereist. De terugbetaling van het door de betrokkene ter zake van de verzetprocedure in feitelijke aanleg betaalde griffierecht vloeit uit de wet voort. Art. 36, tweede lid, WAHV bepaalt immers dat in een geval als het onderhavige het door de betrokkene betaalde griffierecht aan hem wordt vergoed door de officier van justitie. Ter zake van een procedure als de onderhavige, strekkende tot kostenveroordeling, is noch in feitelijke aanleg noch in cassatie griffierecht verschuldigd, terwijl voorts de omstandigheid dat het dwangbevel is ingetrokken meebrengt dat voor de ontvankelijkheid van het cassatieberoep geen bedrag aan zekerheidstelling behoeft te worden voldaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fd5fa7fc293bafb154ece55af263dc6c88b0ec4cfc38cd4f80633bd3fe7406d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fd5fa7fc293bafb154ece55af263dc6c88b0ec4cfc38cd4f80633bd3fe7406d, en de alinea staat in dat document op bytes 10007 tot 11209.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0fd5fa7fc293bafb154ece55af263dc6c88b0ec4cfc38cd4f80633bd3fe7406d | shasum -a 256