Citaat | Hoge Raad 15 maart 2000

Alinea 20 Hoge Raad 15 maart 2000

Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5127.

Middel II betoogt evenwel terecht dat het Hof aldus zijn beslissing in zoverre niet voldoende heeft gemotiveerd, dat het Hof niet heeft behandeld de stelling van belanghebbende dat de hiervóór in 3.1 bedoelde gelden haar door haar moedervennootschap op grond van haar positie als aandeelhouder zijn verstrekt onder zodanige omstandigheden dat aan de uit die geldverstrekking voortvloeiende vordering in rekening-courant, naar reeds aanstonds duidelijk moet zijn geweest, voor het geheel of voor een gedeelte geen waarde toekomt omdat het ter leen verstrekte bedrag niet of niet ten volle zal kunnen worden terugbetaald, zodat het geheel of gedeeltelijk het vermogen van de moedervennootschap - voorzover dat niet bestaat uit de aandelen in belanghebbende - blijvend heeft verlaten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e166be2274751198e6805b38a6b88f7a86c61864575a9bd05edb9fda85abd8a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e166be2274751198e6805b38a6b88f7a86c61864575a9bd05edb9fda85abd8a1, en de alinea staat in dat document op bytes 9589 tot 10385.