Citaat | Hoge Raad 21 maart 2000
Alinea 69 Hoge Raad 21 maart 2000
Een alinea uit Hoge Raad 21 maart 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5201.
6.3. Uit het vorenstaande volgt dat art. 7, eerste lid, GW een ruime bescherming biedt aan de openbaring van gedachten of gevoelens door middel van de druk-pers en dat - afgezien van handelsreclame - slechts indien redelijkerwijs moet worden uitgesloten dat in de gedrukte stukken gedachten of gevoelens tot uitdrukking zijn gekomen de door dit grondrecht geboden bescherming moet worden onthouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed7fc87e0053811bd55108c03ce43725543489fb9a8bdfb6616024894bc264ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed7fc87e0053811bd55108c03ce43725543489fb9a8bdfb6616024894bc264ea, en de alinea staat in dat document op bytes 18162 tot 18573.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ed7fc87e0053811bd55108c03ce43725543489fb9a8bdfb6616024894bc264ea | shasum -a 256