Citaat | Hoge Raad 21 maart 2000
Alinea 27 Hoge Raad 21 maart 2000
Een alinea uit Hoge Raad 21 maart 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5254.
"Op grond van het proces-verbaal van de sociaal rechercheur Timmer en de getuigen- verklaringen van Timmer en De Jong, afgelegd in hoger beroep, is aannemelijk gewor-den dat de observaties waarop de stelling van de raadsvrouw het oog heeft, bovenal daarin hebben bestaan dat sociaal rechercheurs in de periode 9 ok-tober 1995 tot en met juni 1996 (en der-halve inder-daad in een periode van ongeveer acht maan-den) 125 keer langs de woning van de ver-dachte zijn gereden ten einde na te gaan of de auto's waar-van de medeverdachte zich bediende in de omgeving van die woning stonden geparkeerd. Deze obser-vaties zijn, ook indien men daarbij rekening houdt met de periode waarin zij zijn gedaan en met hun frequentie, zó weinig indrin-gend dat daarmee slechts een lichte inbreuk op de privacy van de verdachte is gemaakt. De wettelijke grondslag van deze ob-servaties is gelegen in de ar-tikelen 141 en 142 van het Wet-boek van Strafvordering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b9717fd7cca95d0b76999aba9af7bbb15624172b9c57e18740ed30b6b5554c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b9717fd7cca95d0b76999aba9af7bbb15624172b9c57e18740ed30b6b5554c0, en de alinea staat in dat document op bytes 7019 tot 7980.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2b9717fd7cca95d0b76999aba9af7bbb15624172b9c57e18740ed30b6b5554c0 | shasum -a 256