Citaat | Hoge Raad 29 maart 2000

Alinea 13 Hoge Raad 29 maart 2000

Een alinea uit Hoge Raad 29 maart 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5295.

3.2. Het Hof heeft geoordeeld: dat, gelet op de inhoud van de in ’s Hofs uitspraak weergegeven zogenoemde Beconregeling, het aan belanghebbendes belastingconsulent duidelijk kenbaar is geweest dat door de vermelding van belanghebbendes naam op de uitstellijst en de inlevering van het VA-biljet een uitstel werd verkregen voor de inlevering van het aangiftebiljet 1989 tot ten minste eind mei 1990; dat zulks zelfs het geval is indien de inspecteur de indiener van de uitstellijst een aanwijzing zou hebben gegeven het desbetreffende biljet binnen twee maanden in te leveren; dat daarom het belanghebbendes belastingconsulent - en daarmede belanghebbende - volstrekt duidelijk is geweest dat door de inlevering van het VA-biljet en de uitstellijst een uitstel van ten minste 16 dagen werd verleend; dat aan het ontbreken van een door de inspecteur getekend schriftelijk stuk waarin het aan belanghebbende verleende uitstel is vastgelegd te dezen onvoldoende betekenis toekomt om tot een ander oordeel te komen. Het Hof heeft aan deze oordelen de conclusie verbonden dat de navorderingsaanslag met dagtekening 16 januari 1995 tijdig is vastgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/328ff0db6287cea7c322f274d45f75fe9eb8c9bb682932ebc8e31688acf59dc3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 328ff0db6287cea7c322f274d45f75fe9eb8c9bb682932ebc8e31688acf59dc3, en de alinea staat in dat document op bytes 6719 tot 7882.