Citaat | Hoge Raad 31 maart 2000

Alinea 47 Hoge Raad 31 maart 2000

Een alinea uit Hoge Raad 31 maart 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5319.

3.4.1 De Rechtbank heeft in rov. 3.10, kort samengevat, als volgt geoordeeld. NS is niet gehouden om de minimum werktijd van [verzoekster] uit te breiden van 20 uur per week naar 24 uur per week. Dat een fulltimer wèl tijd zou hebben om als groepsleidster te blijven werken betekent niet dat NS [verzoekster] in de zin van art. 21 benadeelt, doch is inhe-rent aan het feit dat een parttimer minder uren per week werkt. NS kan niet worden verplicht om de werktijd uit te breiden met het aantal uren dat benodigd is om [verzoekster] die voor haar aantrekkelij-ker werkzaamheden toch te kunnen laten uitvoe-ren. Een dergelijke verplichting kan niet worden afgeleid uit het benadelingsverbod van art. 21. Overigens kunnen zich ook bij fulltimers vergelijkbare problemen voordoen, zeker als zij net als [verzoekster] verhoudingsgewijs veel uren aan medezeggenschapswerk besteden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ba286dcdc4890a270f09df48461d772d266edfab63ec55af388db9115bacd3b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ba286dcdc4890a270f09df48461d772d266edfab63ec55af388db9115bacd3b, en de alinea staat in dat document op bytes 13123 tot 14011.