Citaat | Hoge Raad 4 april 2000
Alinea 38 Hoge Raad 4 april 2000
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5346.
3.8. In dit verband is van belang dat de Wet van 14 september 1995 tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering (vormverzuimen), Stb. 1995, 441, hierna aan te duiden als Wet vormverzuimen, de nietigheidssanctie van art. 20 RO heeft gehandhaafd. De Minister van Justitie heeft in de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel dat tot de Wet vormverzuimen heeft geleid overeenkomstig het voorstel van de Commissie Herijking Wetboek van Strafvordering (Commissie Moons) aan de schrapping van een aantal zogenaamde formele nietigheden de volgende overweging ten grondslag gelegd:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b34dcffea36f46711cfb82b222324a6e14bc2b368ed090472690ccbdb05232a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b34dcffea36f46711cfb82b222324a6e14bc2b368ed090472690ccbdb05232a3, en de alinea staat in dat document op bytes 9753 tot 10347.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b34dcffea36f46711cfb82b222324a6e14bc2b368ed090472690ccbdb05232a3 | shasum -a 256