Citaat | Hoge Raad 7 april 2000
Alinea 51 Hoge Raad 7 april 2000
Een alinea uit Hoge Raad 7 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5404.
3.7 Bij dat uitgangspunt, zo betoogt onderdeel C1, had het Hof het tussenvonnis van de Rechtbank moeten vernietigen, nu M&B in het dictum van dat vonnis ten aanzien van de bemiddelingsovereenkomst ten onrechte is belast met het leveren van “volledig tegendeelbewijs”, waarmee het middel doelt op het na omkering van de bewijslast door een partij te leveren bewijs.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9158d4e4e829d337cb96f57ac63f48392d8b61d6f352fb6aa016b1730b09489d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9158d4e4e829d337cb96f57ac63f48392d8b61d6f352fb6aa016b1730b09489d, en de alinea staat in dat document op bytes 15599 tot 15984.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9158d4e4e829d337cb96f57ac63f48392d8b61d6f352fb6aa016b1730b09489d | shasum -a 256