Citaat | Hoge Raad 11 april 2000

Alinea 41 Hoge Raad 11 april 2000

Een alinea uit Hoge Raad 11 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5438.

Het vorenstaande laat onverlet dat de rechter met toepassing van de maatstaf, zoals vervat in de laatste volzin van het vierde lid van art. 36e Sr, het aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel te betalen bedrag lager kan vaststellen dan het geschatte voordeel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cf78513f811960e849cca302b4a252d6e6d5d2fbb7dcb2563329e648bdd89b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cf78513f811960e849cca302b4a252d6e6d5d2fbb7dcb2563329e648bdd89b6, en de alinea staat in dat document op bytes 12441 tot 12744.