Citaat | Hoge Raad 11 april 2000

Alinea 45 Hoge Raad 11 april 2000

Een alinea uit Hoge Raad 11 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5442.

de verdediging in eerste aanleg of in hoger beroep gebruik heeft gemaakt van de in art. 263 Sv vermelde bevoegdheid om [getuige 1] als getuige te doen oproepen. Daaraan kan niet in dit geval worden gezegd dat de verdediging niet de gelegenheid heeft gehad die getuige te (doen) ondervragen (NJ 1994, 427, rov 6.3.3 sub (ii) en HR 5 oktober 1993, NJ 1994,425,rov 5.4).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc40e32f8861cdcd39d4e4274f0b56c696a34ff0d27ce10b2b268c5f798b90b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc40e32f8861cdcd39d4e4274f0b56c696a34ff0d27ce10b2b268c5f798b90b7, en de alinea staat in dat document op bytes 9279 tot 9661.