Citaat | Hoge Raad 11 april 2000
Alinea 72 Hoge Raad 11 april 2000
Een alinea uit Hoge Raad 11 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5442.
5.4. In het oordeel van het Hof ligt besloten dat het uitgaande van de aannemelijkheid van de door de raadsman gestelde toedracht de observaties niet zo indringend heeft geacht dat die inbreuk maakten op het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de verdachte. Dat oordeel getuigt niet van een verkeerde rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Het leent zich niet voor verdere toetsing in cassatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc40e32f8861cdcd39d4e4274f0b56c696a34ff0d27ce10b2b268c5f798b90b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc40e32f8861cdcd39d4e4274f0b56c696a34ff0d27ce10b2b268c5f798b90b7, en de alinea staat in dat document op bytes 14130 tot 14562.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc40e32f8861cdcd39d4e4274f0b56c696a34ff0d27ce10b2b268c5f798b90b7 | shasum -a 256