Citaat | Hoge Raad 14 april 2000
Alinea 46 Hoge Raad 14 april 2000
Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5517.
3.4 In het arrest-Udenhout ligt besloten het oordeel dat de regeling van art. 164 leden 3 en 4 van toepassing is op het instellen van hoger beroep in een geding voor de burgerlijke rechter. De ontvankelijk-heidsvraag waarover in hoger beroep en in cassatie werd gedebatteerd, had echter uitsluitend betrekking op de uitleg van de woorden “eerstvolgende vergadering” in art. 164 lid 4.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccdac111642f7aa36eefa76cf6f9fef492b7df9dfad175bcbd56e2a046b9811f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccdac111642f7aa36eefa76cf6f9fef492b7df9dfad175bcbd56e2a046b9811f, en de alinea staat in dat document op bytes 13801 tot 14204.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ccdac111642f7aa36eefa76cf6f9fef492b7df9dfad175bcbd56e2a046b9811f | shasum -a 256