Citaat | Hoge Raad 14 april 2000

Alinea 54 Hoge Raad 14 april 2000

Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5527.

3.5.1 Het Hof is in zijn rov. 6 bij wege van veronderstelling ervan uitgegaan dat “de ontneming aan [eiseres] van de tot 1 januari 1992 bestaande bevoegdheid tot het “verlijden” van akten tot levering van binnenschepen dan wel het niet-teruggeven van die bevoegdheid (zoals aan de beëdigde scheepsmakelaars) met als gevolg aantasting van haar concurrentiepositie”, op één lijn moet worden gesteld met ontneming van de “eigendom” als vermeld in art. 1, eerste lid, van het Eerste Protocol. Het Hof heeft het door [eiseres] op die bepaling gedane beroep verworpen op grond van de overweging dat het tweede lid van art. 1 het mogelijk maakt “dat de Staat het gebruik van de eigendom in het algemeen belang reguleert, waarbij te denken valt aan de hier in het geding zijnde zekerheid in het rechtsverkeer”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ca0b74fbe46d4603e1d3d744d6be1506e378b2f7022baf40da028e422bfdca6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ca0b74fbe46d4603e1d3d744d6be1506e378b2f7022baf40da028e422bfdca6, en de alinea staat in dat document op bytes 14907 tot 15742.