Citaat | Hoge Raad 28 april 2000

Alinea 43 Hoge Raad 28 april 2000

Een alinea uit Hoge Raad 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5648.

3.4Voorzover het middel betoogt dat de Rechtbank bij de beoordeling van de vraag of het gegeven ontslag kennelijk onredelijk was, geen gewicht had mogen toekennen aan de weigering van [oud-werknemer] de aangeboden functie van taxichauffeur aan te nemen, gaat het uit van een onjuiste rechtsopvatting. Dat de enkele omstandigheid dat een werknemer een hem aangeboden andere functie afwijst niet eraan in de weg behoeft te staan dat een gegeven ontslag kennelijk onredelijk kan zijn (vgl. HR 30 januari 1998, nr. 16476, NJ 1998, 476), neemt niet weg dat werkgever en werknemer over en weer verplicht zijn zich als een goed werkgever respectievelijk goed werknemer te gedragen, hetgeen meebrengt, wat de werknemer betreft, dat hij op redelijke voorstellen van de werkgever, verband houdende met gewijzigde omstandigheden op het werk, in het alge-meen positief behoort in te gaan en dergelijke voorstel-len alleen mag afwijzen wanneer aanvaarding onder de ge-geven omstandigheden redelijkerwijs niet van hem kan wor-den gevergd (vgl. HR 26 juni 1998, nr. 16649, NJ 1998, 767). Niet valt in te zien waarom de rechter ook bij de beantwoording van de vraag of een gegeven ontslag kenne-lijk onredelijk is, genoemde verplichting niet in zijn beoordeling zou dienen te betrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b5c10ea69fac9d5e619ca3ddf8fbddfbbab8221c412e252585409b18e82c117. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b5c10ea69fac9d5e619ca3ddf8fbddfbbab8221c412e252585409b18e82c117, en de alinea staat in dat document op bytes 13809 tot 15092.