Citaat | Hoge Raad 12 mei 2000
Alinea 249 Hoge Raad 12 mei 2000
Een alinea uit Hoge Raad 12 mei 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5775.
33. Overigens is bij het HvJEG al een verzoek om een prejudiciële beslissing over de uitleg van art. 9, lid 1, van de Richtlijn aanhangig. Het verzoek daartoe is gedaan door Het Majesty's Court of Appeal in Northern Ireland (zaak C-477/98). Op 10 februari 2000 had, voor zover na te gaan, de advocaat-generaal bij het HvJ nog niet geconclu-deerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d31efcfe28337ce492594eb3406e2469b869ba32fc4bb7332ab3a559b08ab807. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d31efcfe28337ce492594eb3406e2469b869ba32fc4bb7332ab3a559b08ab807, en de alinea staat in dat document op bytes 66448 tot 66808.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d31efcfe28337ce492594eb3406e2469b869ba32fc4bb7332ab3a559b08ab807 | shasum -a 256