Citaat | Hoge Raad 26 mei 2000
Alinea 152 Hoge Raad 26 mei 2000
Een alinea uit Hoge Raad 26 mei 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5964.
3.4 In rov. 6 van haar beschikking heeft de Rechtbank overwogen, kort weergegeven, dat [verzoeker 2] - met welke aanduiding de Rechtbank de gezamenlijke geïntimeerden op het oog heeft - op grond van de koop-/aannemingsovereenkomst waarin wordt verwezen naar de verkoopdocumentatie, van de aanvang af gebonden is aan centrale verhuur. Nadat de Rechtbank nog enige verweren van [verzoeker 2] tegen de stelling dat hij zich door de overeenkomst en de verkoopdocumentatie had verbonden tot centrale verhuur, had verworpen (rov. 7 - 8.1 van haar beschikking), is zij tot de slotsom gekomen dat "het voorgaande inhoudt dat de aangevoerde grieven gegrond zijn" en dat het oorspronkelijke verzoek tot het verlenen van machtiging alsnog moet worden toegewezen (rov. 9).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/771ec7fc16ee44dcb392af0e653bcb43ff63dcb553668e361333d00dedcc28f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 771ec7fc16ee44dcb392af0e653bcb43ff63dcb553668e361333d00dedcc28f8, en de alinea staat in dat document op bytes 20454 tot 21228.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/771ec7fc16ee44dcb392af0e653bcb43ff63dcb553668e361333d00dedcc28f8 | shasum -a 256