Citaat | Hoge Raad 31 mei 2000

Alinea 45 Hoge Raad 31 mei 2000

Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6100.

4.2 Onderdeel 4 verwijt de Ondernemingskamer dat zij bij de beoordeling van de handelwijze van de Verzekeringskamer geen, althans geen kenbare en voldoende, aandacht heeft besteed aan - kort samengevat - de feiten dat de Verzekeringskamer zich op 17 december 1993 bij de bespreking met Merrill Lynch niet heeft doen bijstaan door een advocaat en dat zij niet heeft gevraagd om uitstel van de beslissing inzake opzegging van de contracten. Dit onderdeel faalt op de gronden als vermeld in onderdeel 4.4.2.1 van de conclusie van de Plaatsvervangend Procureur-Generaal.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9fca700affbc56f31df7c9125255ad20456a05d561f5747adbf7eadc0765d847. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9fca700affbc56f31df7c9125255ad20456a05d561f5747adbf7eadc0765d847, en de alinea staat in dat document op bytes 20323 tot 20902.