Citaat | Hoge Raad 14 juni 2000

Alinea 114 Hoge Raad 14 juni 2000

Een alinea uit Hoge Raad 14 juni 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6199.

6.4. Ik acht het in dit verband verder niet van belang met welke tussenpo-zen de belang-hebben-de zijn ontvang-sten nu eigenlijk uitre-kende (vgl. pt. 1.3.), aangezien dat enerzijds toch niet kan afdoen aan de onjuist-heid, anderzijds evenmin wezenlijk kan uitmaken voor de contro-leerbaar-heid van de ver-antwoording (vgl. pt. 2.2. - 2.5.). Nader feitelijk onderzoek op dit punt is dus niet nodig.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/35d08ca8152c72a235ce008fd156c3db8770b32842d3d1de1ddd254cc8840b1f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 35d08ca8152c72a235ce008fd156c3db8770b32842d3d1de1ddd254cc8840b1f, en de alinea staat in dat document op bytes 34676 tot 35087.