Citaat | Hoge Raad 16 juni 2000
Alinea 41 Hoge Raad 16 juni 2000
Een alinea uit Hoge Raad 16 juni 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6234.
(1) De bank wist op 3 en 6 december 1993 dat het faillissement in feite onafwendbaar was en op korte termijn zou worden aangevraagd. De omweg via de surseance geschiedde slechts om formele redenen. De wetenschap van die feiten is volgens de curator gelijk te stellen aan het in art. 47 F. bedoelde geval van wetenschap dat het faillissement is aangevraagd op de dag van zekerheidstelling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee14beede1faf7b053b15ae517b3a8993567a3102af9511ab5843c03f159b534. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee14beede1faf7b053b15ae517b3a8993567a3102af9511ab5843c03f159b534, en de alinea staat in dat document op bytes 11691 tot 12095.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee14beede1faf7b053b15ae517b3a8993567a3102af9511ab5843c03f159b534 | shasum -a 256