Citaat | Hoge Raad 23 juni 2000

Alinea 59 Hoge Raad 23 juni 2000

Een alinea uit Hoge Raad 23 juni 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6299.

3.10 Onderdeel 7 ten slotte, dat klaagt over de weigering van het Hof om "als door de vrouw overgelegd" kennis te nemen van de door de vrouw na afloop van de mondelinge behandeling aan het Hof toegezonden literatuur en jurisprudentie, faalt reeds wegens gemis aan belang. Blijkens rov. 3.1 van het Hof hebben die literatuur en jurisprudentie immers betrekking op de verrekening zelf, een vraagstuk waaraan het Hof niet is toegekomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3871ae5e39f2f71aa42cd30791d648ace4bc6213b478dd18fd22a782901d6d7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3871ae5e39f2f71aa42cd30791d648ace4bc6213b478dd18fd22a782901d6d7d, en de alinea staat in dat document op bytes 20927 tot 21381.