Citaat | Hoge Raad 28 juni 2000
Alinea 114 Hoge Raad 28 juni 2000
Een alinea uit Hoge Raad 28 juni 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6313.
“Het Hof heeft geoordeeld: dat de in zijn uitspraak omschreven overeenkomsten tot het uitkeren van - nog niet ingegane - lijfrenten goede en kwade kansen meebrengen zowel wat betreft levens- en sterfterisico’s als wat betreft de ontwikkeling van de rentestand; dat de langdurige beschikking over vreemd geld tegen een rente van 8,5 percent in de jaren waarin de marktwaarde voor opgenomen bankkrediet hoger is een voordeel oplevert; dat belanghebbende vorenbedoelde goede en kwade kansen, naar moet worden aangenomen, tegen elkaar heeft afgewogen en bij het sluiten van de overeenkomsten heeft aanvaard; dat er geen reden is bij de waardering van de voorziening de kwade kansen zwaarder te wegen dan bij het sluiten van de overeenkomsten is geschied zolang niet zodanige wijzigingen in de omstandigheden zijn opgetreden dat de kwade kansen aanwijsbaar groter zijn geworden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc497299688e198348e0242cd8ff1c8350a273051c665f2f7212c6a1ba8821d9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc497299688e198348e0242cd8ff1c8350a273051c665f2f7212c6a1ba8821d9, en de alinea staat in dat document op bytes 39171 tot 40061.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc497299688e198348e0242cd8ff1c8350a273051c665f2f7212c6a1ba8821d9 | shasum -a 256