Citaat | Hoge Raad 30 juni 2000

Alinea 52 Hoge Raad 30 juni 2000

Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6344.

3.6 Bij de beoordeling van onderdeel 4 moet worden vooropgesteld dat het Hof bij de beantwoording van de vraag of het beroep van [kopers] op de ontbindende voorwaarde (a) in strijd met de redelijkheid en billijkheid moet worden geacht, binnen de grenzen van de rechtsstrijd alle behoorlijk te zijner kennis gebrachte en ten processe gebleken feiten en omstandigheden in zijn beoordeling mocht betrekken en de vrijheid had daaraan zijn eigen conclusies te verbinden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/74368d7d3def1344b450f8ed36c36169c07284389e4912899a13bff6a64c7630. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 74368d7d3def1344b450f8ed36c36169c07284389e4912899a13bff6a64c7630, en de alinea staat in dat document op bytes 14683 tot 15162.