Citaat | Hoge Raad 30 juni 2000
Alinea 61 Hoge Raad 30 juni 2000
Een alinea uit Hoge Raad 30 juni 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6344.
3.10 Nu matiging van de contractuele boete alleen mogelijk is indien de billijkheid dit klaarblijkelijk eist, en naar ’s Hofs oordeel kennelijk geen bijzondere omstandigheden zijn gesteld die tot de conclusie zouden kunnen leiden dat zulks het geval is, behoefde het Hof niet nader te motiveren waarom het geen grond heeft gezien voor matiging van de boete. Onderdeel 8 treft daarom geen doel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/74368d7d3def1344b450f8ed36c36169c07284389e4912899a13bff6a64c7630. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 74368d7d3def1344b450f8ed36c36169c07284389e4912899a13bff6a64c7630, en de alinea staat in dat document op bytes 18536 tot 18945.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/74368d7d3def1344b450f8ed36c36169c07284389e4912899a13bff6a64c7630 | shasum -a 256