Citaat | Hoge Raad 14 juli 2000
Alinea 64 Hoge Raad 14 juli 2000
Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6508.
3.4. Ten processe heeft de Chef gesteld dat het biljet waaruit van de naheffingsaanslag blijkt op 19 augustus 1995 onder de ruitenwisser van de auto is aangebracht. Belanghebbende heeft dat weersproken, stellende dat zij geen aanslagbiljet heeft aangetroffen. Het Hof laat deze kwestie min of meer in het midden, waar het in rov. 6.3 niet verder komt dan te overwegen dat "het Hof de Chef (kan) (…) volgen" in diens stelling "dat het niet is uitgesloten dat belanghebbende het aanslagbiljet wel heeft aangetroffen en dat het dus door haar eigen toedoen in het ongerede is geraakt". Ten processe is dus niet komen vast te staan dat het aanslagbiljet inderdaad op 19 augustus 1995 op of aan het voertuig is aangebracht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bc7f788c0ea9163742d0f27e243a41756f4654f7c1da911395551742070d6ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bc7f788c0ea9163742d0f27e243a41756f4654f7c1da911395551742070d6ab, en de alinea staat in dat document op bytes 21160 tot 21892.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2bc7f788c0ea9163742d0f27e243a41756f4654f7c1da911395551742070d6ab | shasum -a 256