Citaat | Hoge Raad 14 juli 2000

Alinea 19 Hoge Raad 14 juli 2000

Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6513.

3.5. Het eerste middel betoogt dat het Hof ten onrechte de in de aandelen in de Supermarkt begrepen goodwill in aanmerking heeft genomen bij de bepaling van de waarde in het economische verkeer van de aandelen in de Holding. Het Hof heeft echter met juistheid geoordeeld dat noch de tekst noch de strekking van de Successiewet 1956 noch de geschiedenis van de totstandkoming van deze wet aanknopingspunten biedt voor het standpunt van belanghebbende dat bij de waardering van aandelen iets anders in aanmerking zou moeten worden genomen dan de waarde in het economische verkeer. Deze waarde wordt uiteraard mede bepaald door in de betrokken vennootschap of een dochtervennootschap daarvan aanwezige goodwill. Het Hof heeft derhalve met zijn hiervoor in 3.3 weergegeven oordeel geen blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. Dit oordeel is voor het overige van feitelijke aard en niet onbegrijpelijk, zodat het in cassatie moet worden geëerbiedigd. Voorzover het eerste middel anders betoogt, faalt het.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/626325efc00019669b22ed4e95a15ab5e543fdfe2def681bc83a8ccc2e41d33f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 626325efc00019669b22ed4e95a15ab5e543fdfe2def681bc83a8ccc2e41d33f, en de alinea staat in dat document op bytes 10438 tot 11460.