Citaat | Hoge Raad 14 juli 2000
Alinea 23 Hoge Raad 14 juli 2000
Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6513.
“Evenals is betoogd in de memorie van toelichting bij de Wet van 17 december 1980 tot wijziging van de vermogensbelasting, kan de huidige regeling volgens welke de goodwill niet in de heffing van het recht van successie wordt betrokken, niet langer als juist worden aanvaard. Met het oog op de rechtsgelijkheid acht ik het niet te verdedigen om voor de Successiewet 1956 een gedragslijn te continueren welke neerkomt op een objectieve vrijstelling voor de goodwill. De ongelijkheid in behandeling komt met name tot uiting in de gevallen waarin het bedrijf met goodwill aan een derde is gelegateerd tegen inbreng van de waarde. Een dergelijk legaat heeft tot gevolg dat de erfgenaam voor de volle waarde inclusief de goodwill wordt belast. Zou de erfgenaam het bedrijf met de goodwill zelf gekregen hebben, dan wordt hij niet voor de waarde van de goodwill belast. Ook in andere gevallen kan het voorkomen, dat de waarde van de goodwill indirect in de heffing wordt betrokken, zoals bij de toekenning van winstrechten en bij de waardering van aandelen in een NV of BV. Op grond van bovenstaande overwegingen ben ik van mening dat de zakelijke goodwill in de heffing op grond van de Successiewet 1956 moet worden betrokken.” (Memorie van Toelichting, Kamerstukken II 1981, 17 041, nr. 3, blz. 5).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/626325efc00019669b22ed4e95a15ab5e543fdfe2def681bc83a8ccc2e41d33f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 626325efc00019669b22ed4e95a15ab5e543fdfe2def681bc83a8ccc2e41d33f, en de alinea staat in dat document op bytes 14015 tot 15326.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/626325efc00019669b22ed4e95a15ab5e543fdfe2def681bc83a8ccc2e41d33f | shasum -a 256