Citaat | Hoge Raad 14 juli 2000

Alinea 28 Hoge Raad 14 juli 2000

Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6513.

3.13. De hier door belanghebbende bepleite oplossing, het bij de bepaling van de waarde in het economische verkeer van de krachtens erfrecht verkregen aandelen buiten beschouwing laten van een aan goodwill toe te rekenen bedrag, is duidelijk in strijd met het stelsel van de Successiewet 1956 dat uitgaat van heffing over de waarde in het economische verkeer van verkregen aandelen. Voorts zou het buiten de heffingsgrondslag laten van in de waarde van aandelen begrepen goodwill tot nieuwe ongelijkheden leiden, onder meer ten opzichte van gevallen waarin de ondernemer zijn aandelen heeft gelegateerd tegen inbreng van de waarde of een recht van koop tegen de actuele waarde heeft verleend aan andere aandeelhouders, in welke gevallen de volle waarde van de aandelen tot het krachtens erfrecht verkregene gaat behoren. Daarbij komt nog dat het buiten aanmerking laten van goodwill op zichzelf reeds een willekeurig werkende verlaging van de verkrijging is, gelet op het verschil in uitwerking bij hoog, respectievelijk laag renderende ondernemingen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/626325efc00019669b22ed4e95a15ab5e543fdfe2def681bc83a8ccc2e41d33f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 626325efc00019669b22ed4e95a15ab5e543fdfe2def681bc83a8ccc2e41d33f, en de alinea staat in dat document op bytes 20707 tot 21771.