Citaat | Hoge Raad 14 juli 2000
Alinea 25 Hoge Raad 14 juli 2000
Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6514.
3.3.2. Voorzover de klachten zich tegen dit oordeel richten, falen zij eveneens, aangezien dit oordeel niet blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting en als verweven met waarderingen van feitelijke aard voor het overige in cassatie niet op zijn juistheid kan worden getoetst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aeea201ca9c0d26b47c1d321b281841c6382466f32a11afb1073eeedebfe8e9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aeea201ca9c0d26b47c1d321b281841c6382466f32a11afb1073eeedebfe8e9e, en de alinea staat in dat document op bytes 8844 tot 9135.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aeea201ca9c0d26b47c1d321b281841c6382466f32a11afb1073eeedebfe8e9e | shasum -a 256