Citaat | Hoge Raad 14 juli 2000
Alinea 17 Hoge Raad 14 juli 2000
Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6532.
Met een op 22 april 1999 ter griffie van de Rechtbank te Breda ingekomen verzoekschrift hebben verzoekers tot cassatie - verder te noemen: de Centrale Autoriteit en de vader - zich gewend tot die Rechtbank en teruggeleiding verzocht naar de Staat New York, Verenigde Staten van Amerika, van de uit het huwelijk van de vader en verweerster in cassatie - verder te noemen: de moeder - geboren minderjarige kinderen (1) [kind 1], geboren op [geboortedatum] 1991, (2) [kind 2], geboren op [geboortedatum] 1993, en (3) [kind 3], eveneens geboren op [geboortedatum] 1993, die allen hun gewone verblijfplaats hebben te [woonplaats A], New York. Voorts hebben de Centrale Autoriteit en de vader verzocht, voor zoveel nodig met toepassing van art. 13, vierde lid, van de Wet van 2 mei 1990 (Uitvoeringswet) te bevelen dat een voogdij-instelling wordt belast met de voorlopige voogdij over deze minderjarigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/078a238052e4eea7bd0899f09c64a624bb4c8e420e8d3d60420507c591d0ee44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 078a238052e4eea7bd0899f09c64a624bb4c8e420e8d3d60420507c591d0ee44, en de alinea staat in dat document op bytes 6700 tot 7612.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/078a238052e4eea7bd0899f09c64a624bb4c8e420e8d3d60420507c591d0ee44 | shasum -a 256