Citaat | Hoge Raad 14 juli 2000
Alinea 25 Hoge Raad 14 juli 2000
Een alinea uit Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA6736.
3.2 De Ondernemingskamer heeft, na te hebben overwogen dat het verzoek van de Bonden alleszins begrijpelijk is, geoordeeld dat het VCE-plan op zich geen gegronde reden oplevert om aan het beleid van EBS te twijfelen, gelet op de omstandigheid dat EBS in de gevarenzone verkeert. Dat het eerder uitgestippelde beleid niet het gewenste effect heeft gesorteerd, is naar het oordeel van de Ondernemingskamer onvoldoende reden om daarnaar thans nog een onderzoek te doen instellen. Daarbij heeft de Ondernemingskamer in aanmerking genomen dat de nieuwe bestuurder van EBS, die bij zijn aantreden werd geconfronteerd met verhoogde concurrentie, geconstateerd dat EBS met haar huidige (vaste) kostenstructuur de concurrentie niet zou kunnen overleven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ea460b2f330770a2c9321a275b73b3bafd2f6ab36fd220170b56c414526d50e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ea460b2f330770a2c9321a275b73b3bafd2f6ab36fd220170b56c414526d50e, en de alinea staat in dat document op bytes 6478 tot 7235.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2ea460b2f330770a2c9321a275b73b3bafd2f6ab36fd220170b56c414526d50e | shasum -a 256