Citaat | Hoge Raad 8 september 2000
Alinea 49 Hoge Raad 8 september 2000
Een alinea uit Hoge Raad 8 september 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7041.
3.2 In de onderhavige procedure hebben de ouders, ditmaal optredend voor zichzelf, gevorderd: (a) vergoeding van de door henzelf geleden en nog te lijden materiële schade, op te maken bij staat en te vermeerderen met wettelijke rente, en (b) vergoeding ten titel van smartengeld van een bedrag van ƒ 200.000,--, eveneens te vermeerderen met wettelijke rente. Bij vonnis van 5 juli 1995 heeft de Rechtbank geoordeeld dat de artsen en het ziekenhuis jegens de ouders wanprestatie hebben gepleegd en dientengevolge ook tegenover hen in beginsel schadeplichtig zijn, daartoe onder meer overwegende dat de ouders met [verweerder 1] c.s. één of meer geneeskundige behandelingsovereenkomsten zijn aangegaan alsmede dat de ouders deze overeenkomsten zijn aangegaan niet alleen "voor het kind (voor wie zij een prestatie bedingen te weten het verhelpen van een liesbreuk) maar ook voor zichzelf (…)" (rov. 7). De Rechtbank heeft de vorderingen van de ouders toegewezen, zij het dat het smartengeld werd bepaald op een lager bedrag dan gevorderd, te weten ƒ 100.000,--.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44fd3687f96f10a87519d2753393db2eb40b918f554d12cff37639dc8f6682a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44fd3687f96f10a87519d2753393db2eb40b918f554d12cff37639dc8f6682a6, en de alinea staat in dat document op bytes 11914 tot 12993.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/44fd3687f96f10a87519d2753393db2eb40b918f554d12cff37639dc8f6682a6 | shasum -a 256