Citaat | Hoge Raad 22 september 2000
Alinea 31 Hoge Raad 22 september 2000
Een alinea uit Hoge Raad 22 september 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7204.
3.2 De vrouw heeft aan de Rechtbank verzocht vast te stellen dat de man de vader is van [de dochter]. Daartoe heeft zij onder meer gesteld dat zij nog tot oktober 1997 een affectieve en seksuele relatie met de man heeft gehad en dat zij in de periode waarin het kind is verwekt geen relatie had met een andere man. De man heeft deze stellingen betwist. De Rechtbank heeft in haar tussenbeschikking van 6 oktober 1998 een deskundigenonderzoek bevolen omtrent de vraag of de man de biologische vader is van [de dochter]. Het Hof heeft die beschikking bekrachtigd. Daartoe heeft het Hof onder meer overwogen (rov. 4.1) dat vermelding van het moment van de verbreking van de affectieve relatie niet bepalend is omdat de man ter zitting heeft verklaard dat hij na de verbreking van de relatie die in ieder geval heeft bestaan van april 1995 tot maart/april 1997, de vrouw nog een aantal malen bij haar thuis heeft bezocht, en de vrouw heeft verklaard dat zij en de man tot oktober 1997 - dus ook in het conceptietijdvak - tijdens die bezoeken seksuele gemeenschap hebben gehad. Daaruit kan, aldus het Hof in rov. 4.3.1, worden afgeleid dat partijen gedurende lange tijd een intieme band met elkaar hebben gehad en elkaar in de periode waarin het kind is verwekt nog hebben ontmoet ten huize van de vrouw. Gelet daarop en op de verklaring van de vrouw dat zij en de man in die periode seksuele gemeenschap hebben gehad en haar verklaring dat zij toen niet met een andere man seksuele gemeenschap heeft gehad, heeft het Hof geoordeeld dat de Rechtbank voldoende aanwijzingen aanwezig heeft geacht van een mogelijke verwekking door de man van [de dochter]. De Rechtbank was volgens het Hof gerechtigd voorbij te gaan aan de bewijsaanbieding van de man dat de vrouw gedurende het conceptietijdvak met andere mannen seksuele gemeenschap heeft gehad en de Rechtbank mocht ambtshalve een DNA-onderzoek bevelen. Het Hof acht het juist (rov. 4.3.2) dat de Rechtbank bij een belangenafweging het belang van de vrouw en van [de dochter] - te weten wie de vader/verwekker is - zwaarder heeft laten wegen dan het - in schending van zijn privacy gelegen - belang van de man. Tegen deze overwegingen keert zich het middel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd8665711fa8517b4582f328da142c4bc65eb7e43d9fa592c7fb63d69a8f9e96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd8665711fa8517b4582f328da142c4bc65eb7e43d9fa592c7fb63d69a8f9e96, en de alinea staat in dat document op bytes 7710 tot 9926.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd8665711fa8517b4582f328da142c4bc65eb7e43d9fa592c7fb63d69a8f9e96 | shasum -a 256