Citaat | Hoge Raad 22 september 2000
Alinea 34 Hoge Raad 22 september 2000
Een alinea uit Hoge Raad 22 september 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7204.
3.5 Onderdeel 3.6 faalt, omdat het uitgaat van een onjuiste rechtsopvatting. Voor het bevelen van een deskundigenonderzoek als het onderhavige is niet nodig dat het verwekkerschap van de man vaststaat - dan zou het overbodig zijn - en ook niet dat - zoals de man kennelijk bedoelt - vaststaat dat de man met de vrouw in het conceptietijdvak seksuele gemeenschap heeft gehad. Noodzakelijk en voldoende is dat op grond van de ten processe gebleken feiten en omstandigheden aannemelijk is dat de man de verwekker van het kind kan zijn. Op grond daarvan kan de rechter, aan wie het in beginsel vrijstaat een deskundigenonderzoek te bevelen, ook als het gaat om de verkrijging van bewijs tegen de man, oordelen dat de inbreuk van een DNA-onderzoek op de lichamelijke integriteit van de man gerechtvaardigd is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd8665711fa8517b4582f328da142c4bc65eb7e43d9fa592c7fb63d69a8f9e96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd8665711fa8517b4582f328da142c4bc65eb7e43d9fa592c7fb63d69a8f9e96, en de alinea staat in dat document op bytes 11044 tot 11864.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd8665711fa8517b4582f328da142c4bc65eb7e43d9fa592c7fb63d69a8f9e96 | shasum -a 256