Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2000
Alinea 136 Hoge Raad 6 oktober 2000
Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7359.
2.8. De motiveringsklacht van dit subonderdeel faalt, omdat het hof op inzichtelijke gronden, die de gevolgtrekking kunnen dragen, tot het oordeel is gekomen dat deze handelwijze van A & P geen “eerlijk gebruik” in de zin van art. 13 A, lid 6, BMW is. In productie 1 van Gillette in eerste aanleg (de afbeeldingen van de voor- en achterzijde van de verpakking van de scheermesjes van A & P) is de betrekkelijk geprononceerde wijze te zien, waarop A & P tot driemaal toe (1 maal aan de voorzijde, 2 maal aan de achterzijde) naar Gillettes merken verwijst. Het hof kón, als rechter die over de feiten oordeelt, hieruit afleiden dat deze verwijzingen verder gingen dan hetgeen past binnen de grenzen van eerlijke gebruiken in nijverheid en handel om de bestemming van de waar van A & P aan te geven. Het hof heeft in rov. 10 bovendien gesproken van het bekende merk van Gillette. Bij waren, die bestemd zijn voor inbouw in (of voor gebruik met) artikelen van een bekend merk, kan de aanduiding van de bestemming relatief sober zijn, indien het in aanmerking komende publiek onmiddellijk begrijpt waarvoor de waren bestemd zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e6782f90e0709e2279e2e740b40e33ce20aff8a3a4a436f91c2ffe1fdd44458a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e6782f90e0709e2279e2e740b40e33ce20aff8a3a4a436f91c2ffe1fdd44458a, en de alinea staat in dat document op bytes 43363 tot 44521.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e6782f90e0709e2279e2e740b40e33ce20aff8a3a4a436f91c2ffe1fdd44458a | shasum -a 256