Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2000
Alinea 152 Hoge Raad 6 oktober 2000
Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7359.
3.3. Zoals Gillette (s.t. sub 17-18) zelf al opmerkt, ontbreekt een authentieke interpretatie van de term onderdeel in art. 13 A, lid 6 onder c, BMW. In de tot 1 januari 1996 geldende tekst van de BMW ontbrak een dergelijke bepaling9. De bepaling van art. 13 A, lid 6 onder c, BMW is rechtstreeks ontleend aan art. 6, lid 1 onder c, van de Richtlijn. De preambule van de Richtlijn geeft geen uitsluitsel over de uitleg van deze term. Ook de Franse tekst van art. 13 A, lid 6 sub c, BMW (“lorsqu’elle est nécessaire pour indiquer la destination d’un produit, notamment en tant qu’accessoire ou pièce détachée”) en van de slotzin van lid 6 (“pour autant que cet usage soit fait conformément aux usages honnêtes en matière industrielle ou commerciale”) biedt geen nieuw inzicht. Gillette beroept zich o.m.10 op P. Mathély, Le nouveau droit français des marques (1994), blz. 199-201, waar deze schrijft dat het moet gaan om een accessoire of onderdeel. Hij vervolgt, onder verwijzing naar Franse jurisprudentie van vóór de Richtlijn:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e6782f90e0709e2279e2e740b40e33ce20aff8a3a4a436f91c2ffe1fdd44458a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e6782f90e0709e2279e2e740b40e33ce20aff8a3a4a436f91c2ffe1fdd44458a, en de alinea staat in dat document op bytes 53467 tot 54534.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e6782f90e0709e2279e2e740b40e33ce20aff8a3a4a436f91c2ffe1fdd44458a | shasum -a 256