Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2000
Alinea 23 Hoge Raad 6 oktober 2000
Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7362.
De Rechtbank heeft bij tussenvonnis van 2 februari 1996 de vrouw tot bewijslevering toegelaten. Na enquête heeft de Rechtbank bij eindvonnis van 15 november 1996 de verdeling van de tussen partijen bestaande gemeenschap vastgesteld als overwogen in rovv. 11 en 12 van dit vonnis en vastgesteld dat de man wegens overbedeling aan de vrouw verschuldigd is een bedrag van ƒ 36.364,17 en dat de man aan de vrouw als vergoeding voor het gebruik door hem van haar aandeel in de gemeenschap een bedrag verschuldigd is al overwogen in rov. 14 van dit vonnis, tot en met 31 oktober 1996 vast te stellen op ƒ 10.004,15, te vermeerderen met het bedrag dat is vast te stellen op de wettelijke rente over de somma van ƒ 11.364,17 vanaf 1 november 1996 tot en met de dag waarop de verdeling feitelijk zal zijn gerealiseerd en de overbedeelsom is voldaan. Ten slotte heeft de Rechtbank de man veroordeeld tot betaling aan de vrouw van deze vergoeding en het meer of anders gevorderde afgewezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/99ebefd6821c315dd5a2cb6bce93a0b2d8e8f54bb0ecb594eb68bf2e28e38e84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 99ebefd6821c315dd5a2cb6bce93a0b2d8e8f54bb0ecb594eb68bf2e28e38e84, en de alinea staat in dat document op bytes 6155 tot 7151.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/99ebefd6821c315dd5a2cb6bce93a0b2d8e8f54bb0ecb594eb68bf2e28e38e84 | shasum -a 256