Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2000
Alinea 24 Hoge Raad 6 oktober 2000
Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7366.
3.4 Nu de Rechtbank heeft volstaan met een standaardmotivering en daaruit niet valt op te maken dat het hier gaat om één van beide vormen van machtiging als hiervóór in 3.3 bedoeld noch welke van beide vormen daarvan haar voor ogen heeft gestaan en zij aldus geen inzicht heeft gegeven in haar gedachtengang, is onderdeel 1 in zoverre gegrond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1d2ba01bf92d6a63fe9b8ccc56498ad93f0707e44917ba2b741e4d551d9ee4fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1d2ba01bf92d6a63fe9b8ccc56498ad93f0707e44917ba2b741e4d551d9ee4fe, en de alinea staat in dat document op bytes 10005 tot 10365.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1d2ba01bf92d6a63fe9b8ccc56498ad93f0707e44917ba2b741e4d551d9ee4fe | shasum -a 256