Citaat | Hoge Raad 14 november 2000

Alinea 37 Hoge Raad 14 november 2000

Een alinea uit Hoge Raad 14 november 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA8296.

Aldus is het verbod van schuldbemiddeling van artikel 47, eerste lid, van de Wet op het consumentenkrediet onverkort op het ten laste van de verdachte bewezen verklaarde feit 1 van toepassing en is dat feit dus strafbaar. Dit laat onverlet dat schuldbemiddeling - zoals namens verdachte is betoogd - in het belang is van "de allerarmsten in onze samenleving". Om misstanden - zoals het in rekening brengen van zeer hoge kosten (vgl. MvT p. 6/7 bij de wet van 1 juni 1983)- tegen te gaan, heeft de wetgever deze activiteit willen voorbehouden aan de personen en instellingen die in artikel 48, lid 1 sub b en c van de Wet op het consumentenkrediet worden genoemd of krachtens dat lid sub d van dat artikel worden aangewezen. Ter terechtzitting in hoger beroep is niet gebleken dat de verdachte in de bewezenverklaarde periode tot die personen of instellingen behoorde".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d61dc2b306834be67cc1c40341e5c8607dc4f3dafbc443d2671d2fe99145056. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d61dc2b306834be67cc1c40341e5c8607dc4f3dafbc443d2671d2fe99145056, en de alinea staat in dat document op bytes 14270 tot 15151.