Citaat | Hoge Raad 15 november 2000

Alinea 138 Hoge Raad 15 november 2000

Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA8315.

2.11. Het voorgaande verhindert overigens niet, dat de bij de toepassing van art. 15 Wet Vpb. 1969 in een concreet geval gestelde voorwaarden zouden kunnen meebrengen dat bij de ontvoeging van een dochtermaatschappij onder bepaalde omstandigheden een eindafrekening plaatsvindt op de wijze als voorzien in art. 16 Wet IB 1964.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8b41cfb298271299c388841f3963279960b524bb23c53786f80355cba7343803. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8b41cfb298271299c388841f3963279960b524bb23c53786f80355cba7343803, en de alinea staat in dat document op bytes 42434 tot 42773.