Citaat | Hoge Raad 9 juni 2000

Alinea 68 Hoge Raad 9 juni 2000

Een alinea uit Hoge Raad 9 juni 2000, ECLI:NL:HR:2000:AP0565.

Art. 15 WNR bepaalt dat de betaling van de in art. 7 bedoelde billijke vergoeding dient te geschieden aan een door de Minister van Justitie aan te wijzen representatieve rechtspersoon die met uitsluiting van an- deren met de inning en verdeling van deze vergoeding is belast, en dat deze rechtspersoon ten aanzien van de vaststelling van de hoogte van de vergoeding en de inning daarvan, alsmede de uitoefening van het uitsluitend recht, de rechthebbenden in en buiten rechte vertegenwoordigt. SENA is als zodanige representatieve rechtspersoon aangewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a77a02f81c433f2098f56448c46ac34a756fd04438c3a3f8516d111aaf3ad1af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a77a02f81c433f2098f56448c46ac34a756fd04438c3a3f8516d111aaf3ad1af, en de alinea staat in dat document op bytes 20549 tot 21118.